v. 2009-12-31

‘Van Coylde’ Spaans?

 
Deken Frederik Van Coillie was waarschijnlijk de eerste genealoog van de familie.
In 1976 schreef pater Staf Vancoillie in Coyldiana een stukje over documenten welke Frederik ooit bezat en die zijn Spaanse afkomst zouden hebben aangetoond…
 

«Hij bewaarde immers zorgvuldig de oorspronkelijke documenten van de Spaanse afkomst van de ‘de Coïlde’, de ‘Van Coylde’ na de verne­derlandsing van de naam. De erfge­namen van de tak Frédéric spreken uit ‘di Co ilde’, duidelijk ‘di’ en ‘Co-il’ in twee lettergrepen. Te­vens bezat de Deken nog tafels met afstammingen.
Oud geworden is hij op zekere dag ‘met de koets’ van uit Brugge naar Torhout, Langenhoek, getrokken om er zijn kostbare documenten toe te vertrouwen aan de oudste doch­ter van zijn neef Jan Van Coillie–Haerens. Zij heette Julie, ºTh 29 mei 1854, †Th 20 maart 1922, intelligente en begoede ongehuwde juffrouw. Op haar beurt heeft deze de documenten toever­trouwd aan haar broer Karel die ze afstond aan zijn dochter Marie-Louise ºTh 29-5-1886. Mj Marie-Louise gaf ze om­trent 1934 ter consultatie aan een andere Van Coillie bij dewelke ze schijnen verloren te liggen.
Haar familie is zeer sterk bewust van deze documenten, daar zij ze gezien

heeft en er de inhoud van kent. We komen er nog op terug.»

 

Coyldiana 1976 blz. 14

 

Dat vervolg was ’n rouwbericht in de volgende jaargang:

 

«Op 25 januari 1977 overleed te Tor­hout Marie-Louise Van Coillie ºTor­hout 9-5-1886. Tak 137 Deken Frédéric Van Coillie.
Marie-Louise was de erfgename van het ‘de Coylde document’ dat zij overerfde van deken Fr. Van Coillie. Zie Coyldiana 1976 p.14. Na de hui­dige bevindingen kan de ‘Spaanse af­komst’ bezwaarlijk behouden blij­ven. Wellicht handelde de Deken erin over ‘de vreemde afkomst’. En in die tijd was ‘spaans’ om zo te zeg­gen synoniem van ‘vreemd’.
»

 

Coyldiana 1977 blz. 24

 

Ja… wij weten inmiddels dat Van Coylde de stamoudste is van de immense Beverense tak aan de In­gelmunsterse stam.

Maar toch…: we hadden dat stuk graag eens bestudeerd. Uit welke plaats/tijd stamde het eigenlijk?

 

In 1678 annexeerde Frankrijk grote delen van zuidelijk Vlaande­ren waaronder de kasselrij Ieper met het schependom Roeselare.
Ingelmunster, Ardooie, Beveren & Gits waren nog Spaans, maar ook een deel van Roeselare zelf, Oost­rem –behorende tot het Brugse Vrije– bleef Spaans grondgebied.
Die splete of kleve werd toen in Roeselare Spanje genoemd.
Ging je in die tijd vanuit Oostrem kerken in de Sint-Michiel, dan was dat een internationale wandeling van Span­je naar Frankrijk… ‘Spaanse afkomst’ of ‘Spaanse be­zittingen’, het was toen waarschijn­lijk heel rap gedocumenteerd.

 

Klopt deze theorie, dan waren voor­noemde documenten waarde­vol­ler dan pater Staf vermoedde. Spijtig dat ze ergens ‘verloren lig­gen’.

 

Kobbe

 

vancoilge.net